Categoriearchief: werken

Burn-out

Het burn-out dagboek van Maaike Hartjes werd mij al door een aantal mensen aangeraden

 

15 dingen waaraan ik mijn burn-out herken:

  • geen zin meer om te vertrekken naar: buikdansles, femma activiteiten, workshops. Het wel steeds leuk vinden als ik er ben. Maar altijd mezelf moeten slepen en overtuigen om te vertrekken.
  • zelf geen initiatief meer nemen om workshops op poten te zetten. Wel nog workshops inplannen op vraag, maar het hele gedoe van zelf vanaf nul iets te organiseren, dat zat er de laatste maanden niet meer in.
  • nog steeds houden van de lessen. En mijn leerlingen. En grammatica geven. Maar toch elke les wat moeite hebben om te vertrekken naar de klas.
  • tegen niks meer kunnen thuis. Alle ruzies tussen de kinderen verschrikkelijk opblazen. En als ze op elkaar roepen, staan roepen dat ze niet mogen roepen. Oh, ironie.
  • extreem veel last hebben van uitstelgedrag. Lijstjes maken met al mijn verbeterwerk. Daar regelmatig naar kijken en dingen schrappen. Maar aan een heel traag empo.
  • mijn wasmanden die uitpuilen. Zowel de vuile was, als de propere was. Gestreken en ongestreken. De wascyclus ligt hier helemaal op z’n gat…
  • nieuwe hanglampen bestellen voor in de keuken en living. Lampen die ik al heeeeel lang wil. De lampen zijn aangekomen in de winkel. Ik ben ze nog steeds niet gaan ophalen. Want dat voelt als een ware expeditie.
  • mij rot ergeren aan de mensen rondom mij. In het verkeer. In de supermarkt. Mensen zijn er precies enkel en alleen op uit om mij te ergeren.
  • een constant opgejaagd gevoel. Ik kan het niet anders omschrijven dan een drukkend gevoel op de borst.
  • vaak het gevoel hebben dat ik ergens niet thuishoor, dat ik ergens niet op mijn plaats ben.
  • regelmatig niet meer op woorden komen. En dat hoeven niet eens moeilijke woorden te zijn. Ik weet welk woord ik bedoel, maar ik kan er niet opkomen. In het beste geval weet ik het in het Engels en vraag ik iemand te vertalen. In het slechtse geval sta ik er gewoon 2 minuten in complete stilte over na te denken. Of begin ik wat te stotteren.
  • geen tijd meer nemen om de dingen te doen die mijn leven makkelijker maken. De lifehacks. Hier was dat vooral weekmenu, Collect & Go, ’s avonds de tafel dekken voor het ontbijt. Het kwam er gewoon niet meer van. Alhoewel ik nog steeds overtuigd ben van de tijdswinst en alle andere voordelen, ik kon mezelf er niet meer toe brengen om er nog aan te beginnen.
  • niet meer sporten. Ik kom van een periode waarin ik wekelijks (soms 2 keer) ging lopen en vaak ging zwemmen. Daar was geen tijd meer voor. Of beter, daar had ik geen zin meer in.
  • wel veel zin in zoet, carbs, suiker, junkfood. Noem het hoe je het wil, maar ik koos steeds vaker voor de ongezonde optie te laatste tijd. Zelf lekker en vers koken, nieuwe gerechten uitproberen, ik had er geen zin meer in. Terwijl dat net een van mijn hobby’s is.
  • niet meer kunnen praten over waar ik mee zit zonder dat er tranen komen. Ik ben al altijd een bleiter geweest, maar de laatste tijd was het wel heel erg geworden. Een beetje schaamtelijk zelfs, met momenten. En spoiler alert: het is alleen maar erger geworden sinds ik thuis zit…

Ik had een heel druk leven. Fulltime job. Een huishouden met echtgenoot en twee jonge kinderen. Femma. Workshops. Deze blog. Buikdans.
Als mensen nu horen van mijn burnout, is de reactie heel vaak: ‘ah ja, het zat eraan te komen hé, met al haar activiteiten’. Maar eerlijk; dat is het niet. Daar ligt de oorzaak niet. Heel wat van die activiteiten gaven mij net energie. Ook al had ik al jaren het gevoel dat er mensen precies zaten te wachten tot ik een burnout ging krijgen. De extra activiteiten zorgden ervoor dat ik kon blijven gaan.

Waar ik dan wel de oorzaak leg van mijn burnout? Drie dingen eigenlijk.
Vooral de situatie op mijn werk. Zonder verder in detail te gaan, kan ik gewoon zeggen dat ik er drie loodzware schooljaren heb opzitten. Niet wat de lessen en leerlingen betreft, maar een aantal andere factoren binnen ‘het onderwijs’. Ik ging er zelfs voor naar een loopbaancoach vorig schooljaar. Wat mij enorm geholpen heeft.
Maar de situatie was het volgende jaar min of meer hetzelfde. En als je jou niet gehoord voelt op je werk, dan doet dat iets met een mens.

En dan kwam daar dit jaar ook nog mijn medische situatie bij. Al mijn rare symptomen van de voorbije jaren werden eens onder de loep genomen. Ik ging van de ene specialist naar de andere. Ziekenhuizen in Roeselare, Gent en Leuven passeerden de revue. Af en toe vielen er scary voorlopige diagnoses. Die door de doorverwezen specialist gelukkig tegengesproken werden. Maar we zijn nog steeds zoekende. Ik hoop dat de laatste diagnose ook weer kan doorgestreept worden.

En dan zijn er ook nog de zorgen thuis. ‘Kleine kinderen, kleine zorgen, grote kinderen, grote zorgen’, aan die uitspraak erger ik mij nog steeds. Precies alsof je zorgen ivm kleine kindjes het spreken niet waard zijn. Maar ergens snap ik wel het gevoel erachter; opvoeden, het wordt er niet simpelder op als ze ouder worden. De zorgen blijven zich opstapelen, en je hebt als ouder steeds minder ‘invloed’ op het welzijn van je kind. En dat weegt. Zeker als er nog extra obstakels opduiken onderweg.

Die drie  elementen zijn de grote oorzaak van mijn burnout. Niet mijn actieve leven. En ik vind het verschrikkelijk dat ik nu even bijna geen actief leven meer heb…

 

Ik ben ondertussen al anderhalve week thuis. Zo lang deed ik ook over deze tekst. Met veel opnieuw beginnen. En veel bleiten. 
Ik ben ondertussen nog maar anderhalve week thuis. Dit is hoe ik de dingen nu zie.  Work in progress, dus…

mixed feelings

 

Ik ga ze missen nu de school weer begint. En ook niet… 😉

Eind augustus, dat is zo altijd van ‘mixed feelings‘ bij mij.

  • Blij dat ik terug mag gaan werken. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat de vakantie al voorbij is.
  • Blij dat ik mijn kinderen niet meer 24/7 rond mij heb. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat ik mijn kinderen weer zo vaak moet missen.
  • Blij dat er weer wat meer structuur in ons leven zit. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat er weer zoveel structuur in ons leven zit. Want zo’n slow breakfast in mijn pyjama, dat is toch de ideale start van mijn dag.
  • Blij dat alle hobby’s weer opgepikt worden. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat de dochters weer rondgevoerd moeten worden.
  • Blij dat ik mijn leerlingen weer ga terug zien, en ook nieuwe leerlingen ga leren kennen. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat het weer weken gaat duren tegen dat ik alle namen ken.
  • Blij dat mijn kinderen weer vanalles bijleren op school. Maar ook een beetje ambetant lopen omdat ik nu al opzie tegen de huiswerk-discussies.

In ’t kort: ik ben blij als het einde van augustus nadert, maar ik loop dan ook altijd een beetje ambetant rond.

Maar kijk, het is al september ondertussen!

#teachersgonnateach

Grammar – ik geef het met mijn ogen dicht 😉

Vorig weekend ging ik op zoek naar een spuitbus deo. Niet voor mezelf, maar voor één van mijn leerlingen. Nee, dat behoort eigenlijk niet tot mijn normale takenpakket. Nee, het gaat ook zeker niet over een leerling die een geurprobleem heeft. Maar toch was het nogal dringend.

Ik had namelijk vrijdag bijna haar volledige spuitbus leeggespoten in mijn klaslokaal. Nee, niet omdat het daar zo hard stonk. Nee, ook niet omdat ik zelf mijn deo vergeten was ’s morgens. Maar wel omdat ik soms nogal lomp kan zijn.

Ik was dus Engels aan het geven. Grammar. Call me crazy, maar ik geef dat dus kweeniehoegraag. Ik vind het oprecht leuk om die regeltjes uit te leggen en in een duidelijk schema te gieten en te zien in de ogen van de leerlingen dat ze mee zijn met de uitleg. Ik geef sowieso heel graag les, maar als ik grammar mag geven, dat zit er altijd nog dat beetje extra vuur in mij.

Zodus, nen helen uitleg over modal verbs vrijdag. Love it! En mijn leerlingen ook. Allez, dat wil ik graag geloven. Enfin, ik schrijf dus heel de rechterflap van het whiteboard vol met mijn blauwe bordstift. Die wel wat beter schreef dan normaal, precies. Want eigenlijk, zo’n whiteboard met stift, ik ben geen fan. Geef mij maar gewoon een krijtbord. Of een beamer, dat is ook altijd goed. Maar daar is het dus een whiteboard.

2/3 van mijn uitleg stond aan bord, de leerlingen waren mee, ik was enthousiast. Alles zat mee. En toen schreef ik een klein foutje en wou ik dat wegvegen met mijn vinger. Niks. Helemaal niks gebeurt er. Die letter blijft gewoon koppig staan. Ik snap het niet. O.M.G. Ik snap het plots. In mijn hand zit namelijk mijn blauwe alcoholstift. Die zo goed schrijft. Ook op een whiteboard dus. Maar uitvegen lukt net iets moeilijker. Of helemaal niet.

Enter mijn mini flesje deo. Ik heb bijna altijd een goed gevulde handtas bij. Pillekes, pleisters, zalfkes, deo. You name it, it’s in my bag. De deo werd dus bovengehaald om de alcoholstift te verwijderen. En dat trucje werkt echt. Beetje spuiten, wrijven met een droog doekje, en het is weg. Wel stom dat mijn bord helemaal vol stond en ik maar zo’n mini deo flesje had zitten.

Enter de deo van een van mijn leerlingen. Die het spul bijna volledig leeg moest spuiten op het bord. En ons bijna allemaal vergaste in the proces. Vandaar dus mijn zoektocht naar de deo vorige zaterdag. Haar merk heb ik niet gevonden, maar ze vond het wel lekker ruiken.

Veel kans dat dit een reeks wordt. Aangezien ik nogal vaak lompe dingen doe of zeg in de klas…

 

Deze maand doe ik mee aan een bloghop. Heel de maand kan je hier nog deelnemen aan de wedstrijd die erbij hoort. En zo verder hoppen naar andere bloggers.